Habari? Nzuri! (Hoe gaat het? Met ons gaat het goed!!)

Ons laatste verhaaltje alweer, as dinsdag gaan we weer terug naar Nederland :( … Boehoe! We waren gebleven bij de terugreis van Lodwar naar Kitale. Om 23.30uur, 3 uur later dan afgesproken, kwam de bus, en we zijn heelhuids 10 uur later aangekomen in Kitale. Fijne plek! Ontbeten, en van daaruit zijn we met de matatu naar Endebess gegaan, vlakbij Mount Elgon, de twee na hoogste berg van Kenia. We kwamen na een tochtje op de motorcycle terecht bij Delta Crescent Farm, een wildlife farm en sanctuary van een rijke Keniaanse man die in de VS ook nog veel te veel grond heeft.   Er liepen giraffen en neushoorns, en dat midden in een landbouwgebied…Wel een relaxte plek, we waren de enige campers en hebben lekker van de zon genoten. De volgende dag zijn we naar Mount Elgon NP gegaan, prachtig! We voelden ons alleen op de wereld, de hele dag zijn we slechts 4 4WD tegengekomen. Blootsvoets hebben we een riviertje overgestoken, watervallen gespot en magnifique caves gezien, en natuurlijk heeeeel veel regenwoud. Mooi! Mooie vlinders, vogels, fantastische colobus aapjes (zwart met wit en heel sierlijk,nooit eerder gezien) en bushbucks gespot, das leuk als je al lopend op pad bent! Tegen 19 uur waren we terug op de campsite, lange dag en moeie voeten!

Dinsdags zijn we teruggegaan naar Kitale; de auto waar we dit maal in zaten was toch wel het toppunt, met zijn 19en in een klein bakkie, Joris en ik de hele rit gebukt staand, 35 graden, pfffff…..In Kitale matoke en mokimo gegeten, we houden wel vant Afrikaanse eten ;) . Voor 200 shilling = 2 euri zitten ons beider buiken propvol =) In Kitale zie je ongelooflijk veel boda boda’s, ook wel fietstaxi’s. Helemaal versierd en gekleurd, alsof het koningineedag is.

Van Kitale zijn we naar Kisumu gegaan, prachtig om vanaf de berg in het dal het Victoriameer en de stad te zien liggen! Minder was dat Joris zijn portemonnee op het matatustation is gejat :( …Gelukkig zat er niet al te veel belangrijks in, en ons geld zat ergens anders verstopt.

Snel weg uit Kisumu dus, we hebben er alleen een nacht geslapen. Op naar Homa Bay! Een relaxed stadje aan Lake Victoria, wauw! Heel rustig en laidback. In de middag heerlijke tilapia met onze hande gegeten, en beetje geluierd op de pier. Schitterend, het meer met de bergen, puur natuur…Vijf jaar geleden was er een drukke haven bij de pier, maar door een plaag van waterhyacinten is de hele rand van het meer begroeid met planten, waardoor er geen boten meer door kunnen om het meer op te gaan. Nu is het dus vrij dood….Wat zo leuk is hier in West Kenia, is dat er overal langs de weg vrouwen en mannen met naaimachines en prachtige stoffen zitten; voor 800 shilling kun je een rok laten maken!Nieuwe bussiness in Utrecht???

Na Homa BAy zijn we doorgegaan via Mbita naar Mfangano Island, een schitterend eiland in het meer. Heet, droog en relaxed. Bij het Peacemuseum, opgezet voor en door de community, hebben we onze tent opgezet, en een beetje aan de waterkant zitten chillen. De volgende dag zijn we om 8 uur met George, onze gids en tevens de vriendelijkste man tot nu toe, de Mount Kwitutu opgegaan. Pfff, een hele klim, en na een uur zaten we op het plateau. Das vreemd, daar was alles heel groen, er groeiden bananen, ananas, passievrucht etc, terwijl het beneden knetterdroog is. We passeerden enkele hutjes, lieve mensen en verlegen kinderen, en na nog een klim hadden we werkelijk een geweldig uitzicht over het lake en de andere eilanden. We konden zelfs tot Oeganda en Tanzania kijken! Onderweg passeerden we nog een man van rond de 80, die fit en fier de berg beklom. En wij maar zweten en puffen, ajaj…George bood aan om bij zijn vrouw te lunchen, dus in een klein dorpje beneden hebben we heerlijke vis met ugali gegeten, tussen de hutjes in de schaduw. George vertelde, dat het eiland ontelbaar veel wezen telt; ouders sterven aan HIV/Aids en de kinderen blijven over. Afschuwelijk, bijna niet voor te stellen. We passeerden een weeshuis met zon 200 wezen, amaj. En dat zijn er slechts een paar…Uitgeput maar zeer voldaan  kwamen we rond 17 uur terug bij de campsite, tijd voor een soda baridi, een koud drankje!

Zaterdag 14 aug zijn we dan eindelijk naar Ochwedi gereisd, op naar het project van mijn stage, RISE Trust. Het staat voor Rural Integrated Solidarity Empowerment Trust, een organisatie die mensen op het platteland helpt dmv een lening en sparen om zelfvoorzienend en minder armoedig te zijn. Fantastisch! We hebben 5 nachten bij Eunita thuis geslapen, een stevige Afrikaanse vrouw die RISE draagt. Ze heeft een heel aantal weeskinderen in huis tijdens de vakantie, die door het jaar heen studeren in Nairobi. Ze worden gesponsord door een organisatie in Nederland, en jawel: toen we het huis binnen kwamen liepen we tegen Marianne en jan uit Maastricht aan, met hun twee neefjes van 19. Jooow… Het was onwijs fijn om bij Eunita thuis te zijn, zo’n gastvrij en fijn iemand hebben we niet eerder ontmoet. Ze heeft een ontzettend groot hart en heeft het liefst haar hele huis vol met bezoek en kinderen. Zondagochtend op tijd opgestaan, time to go to church! Met zijn alleen in de 4WD, om in Migor 2,5 uur lang in een katholieke ker te zitten. Er werd gezongen met muziek, gebeden, geld opgehaald, gezongen, het was prachtig om mee te maken. Heel anders dan bij ons. De rest van de dag hebben we voornamelijk gewacht, gehangen en gewacht op Eunita, ze is niet zo georganiseerd en vlug met alles. Typisch Keniaans…

Van maandag tot gisteren hebben we vanalles gedaan: lekker bij haar huis zitten niksen, beetje door het dorpje gewandeld, op de middelbare school een les geschiedenis over Nederland en een les Christian Religious Education gegeven (dat laatste was heel heftig, we kwamen op het onderwerp tienerzwangerschap, pilgebruik en condoomgebruik, aj dat is toch een taboe hier, ik was best wel van slag naderhand) een totaal arme groep mensen op het platteland bezocht die beginnen met het microkrediet programma (ongelooflijk, wat voor ons zo logisch  is, is voor hen totaal vreemd, zoals niet alleen mais verbouwen maar ook diverse andere groenten voor de weerstand, geen water uit de rivier drinken terwijl zij denken dat dat kan omdat het water gezegend is door God al gaan er tientallen kinderen per jaar dood etc. Een aantal van hen had nog nooit  een blanke gezien, we werden gezegend, 1000 maal bedankt, er werd voor ons geklapt, we moesten foto’s maken en als dank kregen we een levende kip mee en een zak pinda’s, das wat anders dan de cadeaus in Nederland =).  Jammer dat we vegetariers zijn… Voor de terugweg kregen we nog gekookte zoete aardappel uit het vuistje, mmm..Visitors worden hier met open armen ontvangen, we weten nu hoe het voelt om Beatrix te zijn) en, niet te vergeten, elke avond voor het eten werd er kort gebeden, dan gingen we met zijn allen rond de tafel eten (wij, Eunita, weeskinderen, zoon met vrouw en kinderen, de andere Nederlandse gasten, drukdruk!) om vervolgns luidkeels Luo liederen te zingen, daarna las iemand uit de bijbel voor en daarna moesten we gaan staan om een lied te zingen, weer een gebed int Luo en tenslotte nog een lied….Pfoeh, avondvullend! Het was heel bijzonder om zo een paar dagen met en bij een Keniaanse familie te leven, toen we vanochtend weggingen kon ik wel een traan laten…Ik wil zeker terugkomen in Ogwedhi, hopelijk Joris ook als dat mogelijk is =).; Zelden zo’n warm gevoel gehad, wat een goed en sterk mens, Eunita, ongelooflijk.

Nu zijn we op weg naar Keicho, waar mooie theeplantages zijn. Daarna nog naar Lake Elmenteita vlakbij Nakuru, en zondagavond….terug naar Anke in Nairobi! De 6,5 weken gingen veel te snel, Kenia zit in ons hart, we beginnen net te wennen…Maar toch ook weer fijn om iedereen thuis te zien, absoluut!

Tot gauw,

Liefs Joris&Judith

Jambo!

Jeetje, dat waren ons de dagen wel…Vanaf Eldoret zijn we met de matatu (of liever, 3 verschillende matatu’s) richting Marich Pass gegaan, een schitterende plek midden in Cherangani hills. Om er te komen heet ons een hele dag gekost, en dat voor 50 kilometer…Om een idee te geven van de snelheid des vervoers hier ;) .Met 13 passagiers ipv 7, veel melk en stops, zijn we de o zo hobbelige en moeilijk begaanbare weg opgegaan richting Marich. Prachtig, de rit, zo tussen de bergen rijden, wat ieniemienie dorpjes passerend met rennende kinderen naar de weg roepend “WazunguWazungu!”

Tegen 16 uur kwamen we aan in….de middle of helemaal NIKS.Arid zone, woestijnachtig, droog, en heel veel erosie. En een paar hutjes. Welkom in Marich! Er kwam een Pokot vrouw naar ons toe, die heeft ons naar het Marich Pass Field Centre gebracht, een plek waar onderzoek naar de omgeving wordt gedaan en waar groepen studenten of onderzoekers kunnen slapen. Moooooi!  De weg ernaartoe was door het zand, in de brandende hitte, door inhammen die door het hevige regenwater zijn ontstaan, met onze backpacks, heet! HEt Field centre is magnifique, een paar banda’s (hutjes om in te slapen), uitzicht op de mooie rivier en bomen voor de schaduw. Relaxed….Heerlijk bonen met rijst gegeten en lekker geslapen, en de volgende dag een wandeling gemaakt olv een lokale gids, een jongen van onze leeftijd. Hij vertelde over de Pokot tribe en de omgeving, en rituelen die worden gehouden voor de Heilige Berg, de Mtelo.We passeerden enkele hutjes en na een tijd zijn we de heuvels ingegaan. Het uitzicht vanaf de top was werkelijk STUNNING. Dit is Afrika, zo wijds en oneindig, we konden tot Sudan kijken, zo voelde het.Magnifique. Bijna oververhit keerden we terug, o bij het centre lekker te relaxen en nog langs de rivier te banjeren. Een werelds plekje daar, echt.

Een dag later wilden we met de bus naar Lodwar, omhoog naar het noorden; we hadden de bus om 10 uur ‘s ochtend gevraagd, hij arriveerde om 18 uur :) . Fantastisch. We vonden het allebei knetterspannend: we begonnen aan een reis die voor ons beiden onbekend was, zelfs Joris is nooit in het noorden geweest. Bijna niemand gaat de uitdaging aan, dus het was gewoon afwachten en hopen dat de bus het zou redden tot Lodwar (de rit zou 8 uur duren). We zaten met veel te veel mensen, mannen met te grote wapens en een kip in de bus, opgepropt en warm. Het was pikdonker, en de snelheid was zo’n 10 km per uur…Ergens midden in de woestijn stopte de bus voor de 3e keer na wat problemen, nu was de bus echt kapot. Wat doe je dan? Misselijk van het rijden en ellendig van het lange zitten, uitstappen en net als de andere KEnianen, langs de weg gaan liggen proberen te slapen tot er een volgende bus komt…Daar lagen we dan, in de woestijn, met een AMAZING sterrenhemel, te wachten. Voor de duidelijkheid: de weg waarop we reden was de hoofdweg, de A1, slechter dan slecht, levensgevaarlijk.

Doodmoe kwamen we om 8 uur ‘s ochtends aan in Lodwar, een stadje middenin de woestijn, tussen de kamelen. We zijn naar een superrelaxte lodge gegaan die wordt gerund door alleen (Turkana) vrouwen, heerlijk daar. ‘Smiddags Lodwar wat verkend en niks gedaan. Alles is hier zand, weinig verkoeling en heeeeeeeel veel kinderen die niks te doen hebben. De dag daarna hebben we per toeval het project gevonden van mijn stage, Nadirkonyen Children Programme en daar zijn we langs geweest. Fantastisch! Hans, een Nederlandse missionaris die er al 20 jaar woont, heeft ons rondgeleid en vanalles verteld. Er worden 90 kinderen per jaar opgevangen die op straat leven, uitgebuit worden door kinderarbeid of misbruikt zijn. Een hele procedure, heel strak en goed allemaal. Ze wonen tijdelijk op het project om vandaaruit naar een school te gaan die bij hen past. De armoede in Lodwar en omstreken is rampzalig, de Turkana zijn nog heel traditioneel (vrouwen met heel veel kettingen om nek en armen en kaalgeschoren aan twee kanten van hun hoofd, mannen met een hoedje, stok en stoeltje bij zich) en wonen in hutjes met niks erin, geen eten, geen werk, niks. Daarom gaan de kinderen de straat op. Het was een hele ervaring om op het project te zijn, fantastisch.

In de middag hebben we een deal (veel te duur) gesloten met een taxi chauffeur om naar Lake Turkana te gaan. Daar wil ik (Judith) al vanaf mijn 15 naartoe, een mooie droom die uitkomt dus ;) . Eergisteren kwamen we dan aan bij het meer, op een campsite bij Eliye springs.  Uitgestorven, heet, woestijn, en een paar palmbomen. Er hangt een tropisch klimaat, lijkt net alsof je aan zee bent. We hebben ons tentje opgezet en zijn in de schaduw gaan luieren, genietend van het meer en de prachtige omgeving. We maakten ons wel zorgen om vervoer terug(we waren boos geworden op de taxi chauffeur vanwege de te hoge prijs, en daarom wilde hij ons niet meer op komen halen. We zaten dus min of meer vast :( ) maar dat is goed gekomen.We zijn in de middag langs het meer gaan lopen naar de andere campsite, en daar troffen we 4 Denen en een Keniaan die met een dikke 4WD door Kenia trekken. Lift terug gefikst, joehoe!

Aan het meer liggen springs, waardoor er groen gras in de droogte groeit. Bizar! We zagen een kudde kamelen verkoeling zoeken in het water, heel grappig. ‘Savonds hebben we ons eigen prutje gekookt en onder de sterrenhemel met een kaars gegeten en later buiten gedouched, naar de sterrenhemel kijkend.Niet verkeerd allemaal…

Gisteren zijn we met de Denen naar Fergusons Gulf gereden, en vandaaruit een boot gefikst naar Central Island, een World Heritage Site eiland in het meer. Niet te omschrijven zo bijzonder. Op het eiland zitten 14000 nijlkrokodillen in een kratermeer, en verderop ligt een knalgroen meer met flamingo’s. Er is helemaal niks, alleen droogte en die 2 schitterende kratermeren. We hebben in de brandende zon de berg op het eiland beklommen, beetje te veel van het goede….Joris voelt zich sinds gisteren helemaal niet lekker, beetje te veel zon? Het was meer dan de moeite waard, geweldig dat we met de 4WD mee konden, anders hadden we het eiland niet kunnen bereiken.

Na een korte nacht (half 6 opgestaan) zijn we nu terug in Lodwar, de Denen zijn doorgereden naar Mount Kenya. Vanavond hebben we de (hopelijk niet al te verschrikkelijke) busreis terug naar Kitale die hopelijk niet meer dan 12 uur duurt, we zien er een beetje tegenop :S. Vannacht in de bus, en hopelijk morgen aankomst bij Mount Elgon, de een na hoogste berg in Kenia.

Vandaag is het dus wachten in de hitte, een mooi moment om terug te blikken op de nu al fantastische tijd die we achter de rug hebben met zijn twee. Soms lijkt het alsof we dromen, zo mooi als het is. En soms is het HEEL ERG afzien…

Vreemd om morgen weer uit de woestijn weg te zijn, ver verwijderd van de vluchtelingenkampen en de hitte. Nu gaan wij een koud drankje drinken =)

Liefs, Joris&Judith

Dan nu, wij zijn in Kenia, en hoe! Drie weken geleden aangekomen in Nairobi in alle vroegte, wat een drukte, chaos, armoede en smog….Het weekend van 9 juli bij Anke, een middelbare school vriendin(van mij, Judith) gelogeerd en een beetje Nai verkend. Maandags richting Mombasa, joehoe!! We waren wel toe aan rust na het stressvolle straatleven van Nai, waar straatkinderen vlakbij de compound waar Anke woont om geld bedelen. Na acht uur in de bus, een prachtige route door een national park (eerste apie, zebra en wildebeest gespot =)) eindelijk in het weer zo drukke en chaotische Mombasa. Nadat we met 500 Kenianen (die allemaal renden alsof hun leven ervan afhing) op de ferry hadden gezeten, gingen we op weg met de matatu(het lokale vervoersmiddel hier, een busje waar 14 passagiers in kunnen, maar meestal zijn dat er een stuk of 18) naar Tiwi Beach, het paradijs!! Wit strand, blauwe zee, koraal, palmbomen, wauw! Onze tent opgezet en 2 daagjes achterover gehangen en het koraal verkend,prachtig! Tropische vissen gespot in een pool in de zee, magnifique! Na Tiwi zijn we verder gegaan naar Lamu, ook al schitterend! Een oud vissersdorp op een eiland, grotendeels Islamitisch, 20.000 mensen en 6000 ezels =). Een beetje door de steegjes geslenterd,aan de waterkant gehangen, een boattrip gemaakt inclusief kampvuur op een onbewoond eiland en heerlijke viscurry voor 250 shilling (is 2,50 euri) gegeten. Toen we weggingen uit Lamu vroeg in de ochtend, regende het pijpestelen. In Mombasa aangekomen, regende het nog steeds. Is this Africa?? In Mombasa hebben we ‘s avonds de nachttrein richting Nairobi genomen; we moesten terug omdat er geen andere (veilige) weg naar de Rift Valley en de Highlands is. Wat een experience!!! Slapen in de trein, en wakker worden met hutjes om je heen, de opkomende zon en heeeeeeeeeeel veel wildebeesten en zebra’s! Wat een genot… Vanuit Nai zijn we verder gegaan naar de Masai Mara,HET wildpark van Kenia, wat was dat MOOI! We zijn nu twee arme sloebers maar dat deert niet ;) . Samen met onze driver en Rick en Hannah, een jongen en meisje van onze leeftijd, hebben we een avond, dag en ochtend door de savanne van Kenia gecruist. Duizenden wildebeesten gezien, die van de Serengetti naar de Masai Mara trekken in juli, ongelooflijk om te zien! Een jagende leeuw gespot recht voor ons op 6 meter afstand, leeuwen die een wildebeest aan het verorberen waren, een cheetah zien rennen en poseren voor onze camera, heel veel hippo’s en krokodillen in de rivier, en nog veeeeeeeel meer. O ja, en heel veel masai voorbij zien lopen met hun vee, wat is dat prachtig! Die kleurtjes van hun gewaden en dekens, en die grote gaten in hun oren…Na Masai Mara richting Naivasha gegaan in de bergen. Daar op een supermooie campsite onze tent neergezet,voor een hippopool. Vanuit daar met de fiets naar Hell’s GAte gegaan, een amazing stuk natuur met een overweldigende gorge, waar we in hebben gelopen. Kokend water kwam uit de bergen, bizar! Na Naivasha hebben we in Nyahururu onze tent opgezet, het hoogste dorp van Kenia. De waterval daar is schitterend, alleen was het te duur vanwege hget Keniaans toerisme :( . Van daaruit verder naar Marigat, letterlijk een gat. Niks kapot, wel heel leuk om zo tussen de locals te zitten in een ‘hotel’. Het nadeel is, dat we vrijwel overal de enige blanken zijn, en dat voelen we. Waar mogelijk proberen mensen ons te naaien, heel vervelend. Je hoort soms gefluister ‘wazungu!’, wat blanken betekent. Kindjes zijn soms bang voor ons, of zwaaien wild enthousiast. Een hele belevenis is het! Bij Marigat ligt Lake Bogoria, een sodameer met 1,5 miljoen flamingo’s. Wooooooooooooooooooow, dat zijn er heel veel! Overal is het roze van de birds, heel mooi. Ook zijn er geisers en heetwaterbronne; onze chauf heeft daarin lekker een eitje en aardappels voor ons gekookt :) . Na Bogoria zijn we in de middle of nowhere beland, ook wel God’s Paradise….Jeutje nog nooit zoiets prachtigs en indrukwekkends gezien….Vanuit de bergen reden we het dal in, de zonnestralen door de wolken schijnend, je zou zweren dat hier iets goddelijks hing. Na 9 km achterop een motorcycle over dirt road met uitzicht op de bergen (dat ging hard!), onze backpacks achterop, kwamen we bij een lodge, het einde van de wereld..Daar waren we de enige gasten, omdat het REGENseizoen is :( . Desalniettemin heerlijk gerelaxed en van de regen genoten vanonder het afdak. Welnu, dat was gisteren, en vandaag zijn we zo actief geweest om vanuit de lodge een wandeling te gaan maken, de bergen in. Onverwoordelijk, het uitzicht, de kleuren groen, de vele vlinders en vogels, een kakafonie van geluiden. Opeens kwam er een meisje vanachter de bomen die ons meenam naar haar huis, een hutje in de bergen. Daar zaten 4 kindjes en nog een meisje ons aan te staren. Ze nam ons mee naar een ander hutje, waar de hele familie zat. Niet voor te stellen, dat daar uberhaupt mensen wonen. We hebben 5 maiskolven meegekregen, dus die hebben we terug in de lodge meteen latenm koken en opgegeten. Nu is het avond en zitten we in het drukke  Eldoret, morgen gaan we door naar Marich. Vier augustus wordt er een referendum gehouden over een nieuwe grondwet, half Kenia lijkt op zijn kop te staan, dan willen we zo ver mogelijk bij Eldoret vandaan zijn. Bij de vorige verkiezingen ging het hier helemaal mis, vandaar. Na Marich gaan we naar het noorden, desert en Lake Turkana! We zijn wel toe aan zon na al die regen. Kortom, wij genieten volop, al is de Keniaanse mentaliteit en het tempo soms vermoeiend. Gelukkig zijn er ook veel mensen die ons een warm hart toedragen en ons de hand schudden met de woorden ‘thanx for visiting our country’. Ondanks de armoede lijken de mensen grotendeels tevreden,althans in de bergen en op het platteland. We maken ontzettend veel mee op een dag, te veel om te beschrijven. Met zin in de komende drie weken gaan we nu naar ons hostel zonder elektriciteit en water, douchen doen we wel een andere keer…Voor nu: KARIBU TENA! (tot de volgende keer!)

Liefs, Joris & Judith

jan 27 2010

Derde week Senegal

Bobby | Uncategorized | Reacties geven is niet mogelijk

Resuming: in Joal-Fadiouth heb ik trouwens met een paardenkar een prachtige rit gemaakt over een zoutvlakte naar, zo zei men daar, de grootste en oudste baobab ter wereld. De omtrek is 32 meter, niet gering! De baobab heeft een opening en als je binnenkomt sta je in een klein donker zaaltje. Onder de grond liggen daar talloze griots gemummificeerd (zangers/vertellers van de geschiedenis en alom gerespecteerd) en boven je hoofd hangen talloze vliegende honden, geenszins luguber?

Vanaf Mar Lodj wilde ik eigenlijk met een houten boot naar Toubakouta, maar toen bleek het grote nadeel van alleen reizen: een houten boot daarheen kost 100 euro, of je nou alleen bent of met z’n 10en. Dat heb ik maar laten zitten dus, en ik ben dus met busjes naar Toubakouta gegaan (5 busjes in totaal). Het was daar wel erg mooi, met een aanmeerplaats van pirogues (houten boot) en een groen dorp. In het hostel zaten twee Belgen die verliefd geraakt zijn op Toubakouta, een ervan was er een huis aan het bouwen, de ander zat vaak bij z’n vriendin uit het dorp. Grappige kerels, leuk om mee te hangen. Later kwam er ook een Nederlands stel dat bijna geheel zelfvoorzienend was en met een campertruck naar Senegal zijn gereden. Ze doen dat met een vaste routine: steeds 2 jaar werken om vervolgens een heel jaar op reis te kunnen.

Ook hier waren er weer pirogue trips te maken en ook hier is het weer goedkoper als je met meer mensen bent. Dus heb ik wat mensen uit het hostel verzameld en zijn we met z’n vijven le Reposoir des Oiseaux bezocht. Het is een klein mangrovebosje waar geen grond onder zit en daardoor zitten er ook geen slangen of apen. Alle vogels komen daar dus ‘s avonds heen om de nacht veilig door te brengen. Als je daar een uurtje zit zie je honderden vogels aanvliegen, van heel klein tot pelikanen.

De volgende ochtend werd de niewe boot van de eigenaar van het hostel tewatergelatern en zijn we komen helpen. De mannen van het vissersdorp rukken dan uit om de boot het water in te duwen of toe te kijken.

Verder is het in Senegal overdag toch ook een hoop slenteren, zitten en thee drinken, als je het lokale ritme volgt. Het voelt erg gemoedelijk en rustig maar actief is het niet. Actief zijn kan dan ook niet zo goed: het is 35 graden en je verbrand of oververhit binnen de kortste keren als je tussen 12 en 15u buiten rondloopt, met een vervelende hoofdpijn als gevolg.

Na Toubakouta ben ik richting Tambacounda gegaan waar ik via een contact in Dakar een campement met goede djembécursussen kende. Het is een mooi campement, met een stuk of 8 hutjes en er woonde ook een Senegalese familie die het beheerde. Het heeft een simpele hurk wc en emmers voor wassen. Elektriciteit was er niet dus ‘s nachts een hoop gefrunnik met zaklampen en kaarsen, en om je telefoon op te laden kun je naar een boutique en je telefoon een paar uur later ophalen. Normaal woonde op het campement ook een Amerikaan, Jessy, maar die was op reis. Daar had ik elke dag 5 uur djembe les: 3 uur in de ochtend en 2 uur in de namiddag. Daartussen viel iedereen (inclusief ik) in een diepe slaap, onderbroken door lunch en soms door het drinken van thee: het is gewoon te heet om iets te doen. Na de les kon ik vaak nog wel even naar de boutiques of de stad, al is het meestal wel fijn om voor half 8 terug te zijn: in dat gebied is nul verlichting. ‘s Nachts ging ik er vaak op uit met een van de jongens daar, er zijn veel traditionele ceremonies in die buurt, waar je vaak de enige blanke bent. De laatste twee dagen moesten een paar mensen van het campement zelf optreden en kon ik meespelen, heeeel erg tof om mensen (vooral vrouwen) extatisch te zien dansen op muziek die jij maakt!

Inmiddels ben ik in Bamako, en ik moet gaan, maar ik schrijf gauw meer!

jan 26 2010

Einde Senegal

Bobby | Uncategorized | Reacties geven is niet mogelijk

Tis een tijdje sinds m’n laatste post; het gaat allemaal goed! In de week na de laatste post heb ik eerst een schelpeneiland bezocht, dat geheel bestond uit een opeenhoping van schelpen, gevangendoor de vissers die er wonen. Midden op het eiland staat een gigantische baobab, tussen alle dicht op elkaar gebouwde huisjes/hutjes. Naast het eilandje is nog een eilandje met een kerkhof erop, ook bedekt met schelpen, een aantal baobabs en verder alleen witte kruizen, heel mooi om te zien. ‘s Nachts heb ik gegeten en overnacht bij een rasta met wie ik djembe heb gespeeld, erg gezellig.

Daarna naar een eiland in een delta gegaan, mar lodj, met een mooie tocht met een houten bootje naar een campement daar. Op het campement waren drie herdershonden, erg vriendelijk, die je volgen als je naar de stad gaat. Het voelde wel gezellig =).

Aii, tijd is op, wilnog veel meerschrijven, ik probeer binnenkort weer te gaan zitten!

De eerste week is achter de rug en ik begin wel te wennen aan de manier van dingen doen hier (reizen, contacten, etc). Reizen is op de grote busstations lastig, omdat er daar 100 minibusjes gaan en nergens wordt aangegeven waarheen. Maar: er is altijd wel een jongen vriendelijk genoeg om je tegen vergoeding een relevant busje te zoeken. Al is Frans de officiele taal, je komt toch verder met Wolof (lokale taal). Gelukkig is mijn frans (net) toereikend, al blijft het lastig communiceren. In Dakar heb ik gelogeerd bij een Franse mevrouw, Michele, via een Iers-Ghanees stel (Della en Ivor) ontmoet. De eerste woont al 10 jaar in Dakar en houdt erg van muziek en muzikanten fotograferen, maar met haar dochter in Frankrijk is ze soms wel een beetje eenzaam. Elke ochtend eet ik een klein maar fijn ontbijt in haar tuin,heerlijk rustig.Della woont om de hoek en heeft ook een aantal gasten. Ze is erg praatgraag en vindt gezelschap heerlijk! Heel gezellig, in Dakar laat ze mij en een Amerikaanse logee de omgevng zien, fijn om op zo’n manier de buurt te leren kennen. Het voelt allemaal wel wat dorps en arm aan waar ze woont, weinig hoogbouw brede straten, allemaal zandwegen. Als ik de volgende dag naar centraal Dakar ga zie ik wel dat het ook aan de buurt ligt: hier zijn de straten smaller en drukker, al is er nog steeds niet veel hoogbouw. Wat zeg ik, drukker? Bij de markten is druk genoeg om me te willen laten verdwijnen! Gelukkig valt het in andere delen juist wel weer mee. Standaard lunch gehad: riz au poisson, dat hebben ze in een of andere vorm vrijwel overal. Della en Jeanne waren ook in de stad dus we hebben een stuk gewandeld daar, toch gezellig! In de dagen erna vind ik via via een drumleraar, waar ik een aantal keer een les volg: een Senegalees die in Zwitserland woont. Fijne lessen in een groot huis waar de hele familie woont: ooms tantes en veel kinderen. Na een paar dagen heb ik het wel gezien in Dakar, en ik ga verder naar de kust, Toubab Dialaw en om de files te vermijden, om 6uur ‘s ochtends (gaap!). De rit is redelijk vlug (nou ja 4 uur), maar wel met met drie soorten busjes: een gewone bus, een peugeaut stationwagon (een sept-place) en een gekleurde volle 32-zitter. In Toubab Dialaw aangekomen heb ik een random ontmoeting met een lokale rastagroep , de Baye Fall. Ze zijn geloof ik wel tof maar waren net te opdringerig en stoned voor mijn doen, al hebben we wel relaxed een cafe touba gedronken. Het hostel was tof maar een beetje resortachtig en voor de deur word je wel wat opdringerig behandeld. Als je wat verder loopt is het prima, het is aan zee met klippen, maar ook bij savanne achtige heuvels met baobabs hier en daar. Met een groepje Zweden dat zat te kaarten heb ik me aardig vermaakt en ik heb lekker gezwommen maar ik had het toen weer gezien. Nu ben ik in Joal Fadiouth, een veel ‘echter’ dorpje, al vraagt wel bijna iedereen om donaties. Mooie vissersboten en een rustige rivier om de hoek, ik vermaak me wel =). Ook hier spelen er mensen djembe dus er is ook nog wat te doen =) De zuidelijke regionen sla ik over: er is iets teveel onrust, dus hierna ga ik nog naar de mangroves en dan naar Tambacounda; waar ik een week djembe lessen ga volgen als het goed is. We’ll see!

jun 11 2008

Invulling vinden

Bobby | Drummen, Informatica, Studeren, Theater, Vrije tijd | Reacties geven is niet mogelijk

Op het moment heb ik vrij veel vrije tijd, door een vak (simulatie) wat ik eigenlijk zou volgen maar waar ik uiteindelijk niet voor aangemeld bleek. Gecombineerd met een gebrek aan geld ben ik nu dus naar een zomer-/bijbaantje aan het zoeken, alles is goed eigenlijk. De meest veelbelovende optie op het moment lijkt Gong.nl te zijn, maar we will see.

Daarnaast ben ik op zoek naar een leuk thesis-onderwerp: het moet uitdagend, interessant en het liefst ook nog passen bij m’n idealen. Blijkt dat even moeilijk te zijn! De meeste bedrijven in mijn interessegebied zijn alleen bezig met winstmaximalisatie, waar niks mis mee is, als ik het nut er maar van inzie. Ik ga nog maar even praten met m’n contacten in Zuid-Afrika, Rotterdam, WHO en misschien Berkeley voor ik me bij Ortec (consultancy) schaar.

Om af te sluiten: Oerol! Vanaf vrijdag barst het feest weer een weekje los! Ik heb er zin an! Even kijken of ik m’n djembé meekrijg!

apr 19 2008

Reizen?

Bobby | Vrije tijd | 0 reacties

De laatste weken heb ik weer zin gehad om er even uit te stappen. Zodoende ga ik over drie weken een weekje naar Halle (Duitsland) om Lara weer eens op te zoeken. Zij moet dan ook studeren dus dan kan ik tussendoor even naar Berlijn of Leipzig, ook niets mis mee! Voor de zekerheid heb ik me maar even aangemeld bij couchsurfing, dan heb je altijd een plekje waar je terecht kunt!

Ook aan het rondkijken naar andere bestemmingen, bijvoorbeeld naar Ghana moet ik echt nog eens gaan, op z’n minst voor de djembé’s (maar dan niet in de komende maanden: het regenseizoen), en natuurlijk ook Californië (vette muziek, hippie-achtige scene, heel veel hippe computerbedrijven en altijd zonnig). Californië schijnt dan weer erg duur te zijn, evenals een vlucht naar Nepal, wat weer mooi hike-materiaal is.

Over drie maanden ga ik naar Málaga om Meral op te zoeken bij haar taalles, al duurt het ook nog anderhalve maand voor zij er zelf heen gaat.

Een deel van de doelstelling van AFRICA@home is ook om de kennis die mensen opdoen aan BOINC ook te verspreiden in Afrika. Er is daar ook een wiki van gemaakt. Daarvoor hadden ze dit jaar een workshop in Muizenberg in Zuid-Afrika georganiseerd (in de buurt van Kaapstad), bij het African Institute for Mathematical Sciences (AIMS). Aan AIMS zelf is ook nog een interessant verhaal verbonden, laten we dat eerst behandelen.

AIMS heeft tot doel om wiskundige wetenschappen (dat zijn dus wiskunde, maar ook natuurkunde, informatica of operationele wetenschappen) te verspreiden door Afrika. Dit doen zij door een één-jarige studie te geven, een zogenaamde Honours, tussen de Bachelor en de Master in. In dit jaar hebben zij een heel aantal blokken van 3 weken die steeds een andere gebied van de wiskundige wetenschappen uitlicht. De studenten worden zo gekozen dat er ongeveer twee toppers komen uit elk Afrikaans land, met elk jaar zo’n 50 studenten in totaal. Dit alles wordt gedaan in een opgeknapt hotel, met slaapplekken vanaf de tweede verdieping, kantoren voor docenten en een computerzaal met 50 computers en een terras op de eerste verdieping en tenslotte een kantine, een collegezaal en een ontspanningsruimte op de begane grond. Alles gebeurt dus in hetzelfde gebouw: studeren, eten, slapen en ontspannen. Zo ontstaat er een goede band tussen de studenten en kunnen ze ook een informele band opbouwen met docenten: die zitten ook in dat gebouw te eten en ontspannen. De docenten zijn behoren vaak ook tot de top van hun vak binnen Afrika, en komen overal vanuit Afrika. De kosten blijven zo relatief laag, al wordt de helft van het budget aan vliegkosten besteed. AIMS is nu bezig om AIMinet op te zetten, een uitbreiding van het concept naar andere landen. Bijvoorbeeld Uganda en Mali waren nu in de gading maar ze willen tegen 2020 geloof ik 15 dergelijke instituten opgezet hebben.

De sfeer bij AIMS is geweldig, heel amiacaal maar ook erg leergierig, gedisciplineerd en ambitieus. Dit wordt vast en zeker geholpen door het campusconcept, en doordat de studenten over het algemeen beseffen hoe bevoorrecht ze zijn dat ze kunnen studeren.

Met AIMS had ik de vorige keer al kennis gemaakt maar voor de workshop waren de studenten al naar huis en waren er deelnemers gekozen uit alle aanmeldingen voor de workshop. Er waren zo’n 200 aanmeldingen en 40 plekken dus er zijn een hele hoop mensen afgevallen. Onder de gelukkigen waren mensen die wat wiskundiger waren ingesteld maar ook mensen die al heel wat van Linux afwisten. Ubuntu is het besturingssysteem van AIMS, en de BOINC server wordt opgezet op een Linux server, dus een beetje Linux kennis is voor het gebruiken van BOINC noodzakelijk. Er waren Master studenten, PhD studenten maar ook professoren gekozen. Verder waren er Engels- en Franstaligen al was er bij iedereen wel wat Engelse kennis. Dit laatste leverde soms wel problemen op, omdat alle tutoren Engelstalig waren.

Doordat ik bij de Erasmus bezig was met Java gebruiken met BOINC werd ik gevraagd een aantal presentaties te geven, waarvan de eerste een half uur en de tweede twee uur. Ik schrok wel even van dat laatste maar uiteindelijk is dat helemaal goedgekomen, al werd het doel van de presentatie de avond van tevoren nog gewijzigd. Mensen waren erg tevreden met mijn presentaties, dus daar was ik wel blij mee, als de eerste presentaties voor onbekend publiek.

Naast lessen hebben we ook heel veel uren in de computerzaal doorgebracht met practica, wat erg leuk was om te begeleiden. Deelnemers waren gezet in groepjes van 3, elk hadden ze een desktop computer en samen moesten ze een server delen. De eerste stap was om een Ubuntu server zonder grafische omgeving op een geformatteerde computer te zetten. Dit lukte als vanzelf bij sommigen maar ging erg lastig bij anderen. Zo zou het die week ook blijven.

Uiteindelijk hebben ze zelf een BOINC server opgezet en daarmee clients verbonden. Het moet nog blijken of ze dat kunnen reproduceren zonder onze hulp, maar het was toch al heel wat. De meeste mensen waren achteraf erg enthousiast om in ieder geval de BOINC clients te promoten en te installeren en ook mensen in hun omgeving warm te maken voor een project op een BOINC server.

De dagen waren lang (8 tot 22 uur) en heel vermoeiend. Zo rond 19 uur had ik meestal al wel weer zin om te gaan slapen maar dat kon uiteraard niet.

In de twee weken totaal dat ik Muizenberg was heb ik nog met Carel afgesproken, langs mijn oude huisbaas geweest en Terry-Jo even gezien. Leuk-leuk! De volgende keer komen zij naar Europa is de deal ;) .

aug 21 2007

Bezoek bij CERN

Bobby | Vrije tijd, Werk | 0 reacties

Degene die achter de opdracht van AFRICA@home zitten zijn Francois Grey en Ben Segal bij CERN (Conseil Européen pour la Recherche Nucléaire). Ben Segal is een ere-werknemer: hij mag nu na zijn pensioen doorwerken zonder salaris. Francois Grey is wel gewoon werknemer. Ben Segal had me uitgenodigd om naar CERN in Geneve te komen, relaxed dus! Toevallig moest Donald toen ook een film schieten in Zwitserland dus we zijn samen gereden met het laatste stukje met de trein. Leuk om weer even achter het stuur te zitten, de helft van de rit!

CERN zelf zag eruit als een militaire basis, met ook vrij veel security. Het ligt even uit de stad dus er is ook niet zoveel te doen ‘s avonds. Ik heb een aantal dagen met Ben doorgebracht en alles doorgesproken, dat was erg informatief. Hij is een ook oude rot bij de computers van CERN dus hij kon me alle ontwikkelingen uit de doeken doen, van supercomputers tot de controversiële TCP/IP en de uitvinding van het internet. CERN is ook een walhalla voor de natuurkunde en al wist ik daar een stuk minder over heeft hij me daar ook aardig wat over duidelijk gemaakt.

Tussendoor ben ik bij de leukste Botanische tuin die ik ken langsgeweest, met een prachtige carrousel en nog een hoop andere faciliteiten voor kinderen.

Donald had langer nodig dan ik in Zwitserland dus ik ben nog een paar dagen naar Bern geweest.  Bern heeft een mooie maar kleine binnenstad en een enorme saaie buitenstad eromheen. Het centrum is leuk om in rond te dwalen erg mooi maar meer voor een middag of een dag dan voor een paar dagen, ik vond het dan ook vrij saai. Wel een paar prachtige foto’s gemaakt.

Donald kwam me in Bern ophalen wat nog een hele crisis was: het is een grote stad en de binnenstad is niet goed toegankelijk voor verkeer. Daar kwam nog bij dat de batterij van m’n mobieltje vrijwel leeg was en het communiceren erg lastig ging. Gelukkig mocht ik hem nog opladen in een kiosk, uiteindelijk zijn we er gekomen.

Pagina 1 van 2